Ruimtelijke Ordening

Evenwichtige verdeling van de ruimte in het land

Nederland is een dichtbevolkt land, waarbij de verschillen per provincie groot kunnen zijn. Vergelijk het dichtbevolkte Zuid-Holland maar eens met de weidse uitzichten in de provincie Groningen.

De inrichting van de ruimte is één van de belangrijkste provinciale taken. De provincie bepaalt in grote lijnen waar er in de provincie nieuwe woongebieden en bedrijventerreinen komen, waar nieuwe wegen komen, waar er ruimte is voor de landbouw en de natuur en waar je kunt varen, fietsen of wandelen. De provincies leggen deze contouren vast in een structuurvisie. Op basis van die structuurvisie kunnen gemeenten een bestemmingsplan maken waarin zij meer in detail het plaatje invullen en inkleuren.

Bij de inrichting van de ruimte probeert de provincie de leefomgeving voor iedereen zo aantrekkelijk mogelijk te maken en versnippering zoveel mogelijk te voorkomen. Daarom worden nieuwe woongebieden en bedrijventerreinen vaak gepland rond bestaande steden en grote dorpen, zodat het platteland en de natuurgebieden behouden blijven. De steden en het platteland moeten wel (onderling) goed bereikbaar zijn met de auto, de fiets en het openbaar vervoer en aantrekkelijk blijven om te leven. Anders worden de steden steeds groter en voller en het platteland steeds leger. Overvolle steden hebben lange files, vervuilde lucht en problemen met het grondwater tot gevolg. En een weids platteland met kleine dorpjes en mooie natuur kan onaantrekkelijk worden als er geen bus meer naartoe rijdt of jongeren wegtrekken omdat er geen werk meer is, of als er geen woning meer wordt gebouwd.